Free Web Site - Free Web Space and Site Hosting - Web Hosting - Internet Store and Ecommerce Solution Provider - High Speed Internet
Search the Web

Ga naar alle Geiligen!

Deel W- X - Y - Z - Overige Nederlandse heiligen

Waalre, zie Sint Ontcommer, de vrouwelijke heilige met een baard.

Sint Walburgis () Feestdag Feestdag bisdom Antwerpen 25 februari /p188 I heilige jaar rond/328 Pinguin.

Sint Walfridus ook Wilfridus van York (Gest. 709) () Feestdag /1476 Missale Romanum Ned. editie (1955);/*69 Appendix Misboek Dominikanen.

Werbeek bedevaartsplaats in Nederland ca. 1580-1650 volgens kaart 1 in Marc Wingens 'Over de grens'.

Sint Werenfried van Elst ook Werenfridus ((gest. ca. 780) Feestdag14 Augustus. Werenfridus kwam als gezel van Willibrordus van Engeland naar Nederland en zou het evangelie verkondigd hebben in Elst en Westervoort, maar volgens de legende had men na zijn overlijden in Arnhem zijn doodskist op een schip geplaatst dat onbemand wegvoer en in Elst bij Arnhem landde alwaar hij ook is begraven. Hij is de beschermsheer van groenten tuiniers en men bid ook aan hem voor stijve gewrichten en voor de jicht. Hij is gestorven en daar word hij ook vereerd, vooral op 14 Augustus, zijn feestdag
p1460 Missale Romanum Ned. editie (1955); Een van de elf heilige metgezellen van Sint Willibrord/*59 Appendix Misboek Dominikanen/Met de heiligen het jaar rond deel 2 145.

Sint Wigbert van Engeland () Feestdag (688)
/p1459 Missale Romanum Ned. editie (1955);/*59 Appendix Misboek Dominikanen/Met de heiligen het jaar rond deel 1 465.

Sint Wilfrid uit Brittanië (678/679) () Feestdag
1476 Missale Romanum Ned. editie (1955);/329 Pinguin/Met de heiligen het jaar rond deel 2 321.

Sint Wilgefortis, zie Sint Ontcommer.

Sint Wilhelmina () Feestdag De plaats Wilhelminadorp bij Goes en Wilhelminaoord in de Drentse gemeente Vledder zijn niet vernoemd naar de heilige Wilhelmina.

Sint Willebald ook Willebaldus (704-7 juli 786) () Feestdag Zoon van de Angelsaksische koning Sint Richard en bloedverwant van Bonifatius. Pelgrimeerde in 722 naar Rome en bereisde tussen 724-30 Palestina. Na zijn terugkeer verbleef Willebald tien jaar in de abdij van Monte Casino. Op verzoek van Bonifatius zond paus Gregorius II hem in 740 naar Holland. Na missieaktieviteiten in Holland en Friesland wijdde Bonifatius hem in 744 tot bisschop van Eichst„tt. Daar werd Willebald al tijdens zijn leven als heilige vereerd. Begraven in de domkerk van Eichst„tt. Vroeger werd zijn feest op 7 juli gevierd in bisdom Haarlem, nu van de kalender afgevoerd.
Litt. W. Levinson, England and the Continent in the 8th century (1946). /*48 Appendix Misboek Dominikanen/1447 Missale Romanum Ned. editie (1955);/332 Pinguin/Met de heiligen het jaar rond deel 2 26.

Sint Willebrord Gemeente Rucphen (Noord Brabant). Willibrord (690-739) Feestdag 7 november. Geboren in het Engelse Northumbri‰, trad als novice in bij de abdij van Ripon, en vormde zich in het Ierse klooster van Ratmelsigi (Mellifont) op de school van grote monniken als Egbertus. Komt in de herfst van 690 maar de Nederlanden om in opdracht van paus Sergius I met elf metgezellen ons gebied te kerstenen. Met zijn gezellen, waaronder Suidbert van Westfalen, Werenfrid van Elst, Plechelmus van Twente en Adalbert van Egmond. In Holland sticht hij kerken in Utrecht, Heiloo, Velzen, Oegfstgeest, Petten, Schoorl. Op 21 november 695 werd hij door paus Sergius in Rome tot aartsbisschop gewijdt. Willibrord vestigd zijn bisschopszetel eerst in Antwerpen, daarna in Utrecht en uiteindelijk in het Luxemburgse Echternach. De plaats Sint Willebrord in de Noord Brabantse gemeente Rucphen is vernoemd naar deze heilige.
400 II heilige jaar rond; 74 Appendix Misboek Dominikanen; 1482 Missale Romanum Ned. editie (1955); 332 Pinguin.

Sint Willehad ook Willehadus (745-89) Feestdag bisdom Groningen 8 november. Priester en missionair uit het Noord-Engelse North Uumbria. Hij heeft in York gestudeerd en was in vriend van Alcuin. Werd na zijn priesterwijding rond 767 naar Friesland gezonden, waar hij vanuit Dokkum zijn missiewerk deed. Willehad verbracht dasarna enige tijd in het klooster van Echternach, tot hij in 780 door Karel de Grote als leider der missionarissen in het gebied tussen Elbe en Nederweser benoemd werd. Willehad werd na diverse tegenslagen in 787 tot bisschop van de Saksen in Bremen benoemd, waar hij twee jaar later stierf.
Litt. G. Niemeyer, Die Vitae des ersten Bremer Bishofs Willehad und seine kirchliche Verehrung (1953). 1485 Missale Romanum Ned. editie (1955); Met de heiligen het jaar rond deel 2 404.

Sint Willehadus de Deen (geb. 1482-vermoord op 9 juli 1572). Feestdag 9 juli. Zie de de 19 martelaren van Gorkum.

Heilig Rooms-koning Willem II van Holland (Leiden, februari 1228-Hoogwoud 28 januari 1256). Herinnering op zaterdag na 28 januari.
De Hollandse graaf Willem II werd gedoopt in de Leidse Pieterskerk en na de dood van koning Heinrich Raspe tot opvolger gekozen als Rooms-Duits koning. Wordt na lang beleg te Aken, doch niet met de echte insignia, tot Duits koning gekroond . Na de dood van keizer Frederik II (13 december 1250) en het vertrek van Konrad IV naar Italië; wordt na zijn huwelijk in een "Nachwahl" het keizerlijk oppergezag van Willem II ook door een aantal Noordduitse vorsten erkend (Brunswijk 25 maart 1252) en gaat Willem als leenheer tegen Margaretha II van Vlaanderen optreden. Zo laat hij als Heilig Rooms-koning haar rijkslenen, inclusief Zeeland bewesten Schelde intrekken. Ook stelt Koning Willem zich te Worms aan het hoofd van de Rheinischer Städtebund. In eigen land weigeren de Westfriezen hardnekkig het gezag van de Heilig Rooms-koning te onderwerpen. Nadat hij het opstandige Oudorp en Vronen bij Alkmaar had veroverd, hoopte hij dat daarmee een eind aan de strijd was gekomen. Een jaar later zijn de gevechten alweer hervat. Vanwege het vele water in West-Friesland boekten Willems troepen weinig vooruitgang. Tijdens de winter, toen al het water bevroren was, waagde Willem een nieuwe poging en trok met zijn zware ruiterij verder noordwaarts. Het werd zijn ondergang, want het ijs was niet berekend op het gewicht van zijn wapenrusting. Nadat hij met zijn paard door het ijs was gezakt, werd hij door de Westfriezen op 28 januari 1256 op brute wijze afgemaakt. Toen zij er achter kwamen dat zij de Heilig Rooms-koning hadden gedood, hebben zij zijn lijk in allerijl verstopt. Het stoffelijk overschot werd door Floris V op zijn krijgstocht van 1289 tegen de Friezen teruggevonden. Floris voert het lichaam door heel Holland om het uiteindelijk te laten bijzetten in de z.g. Koorkerk van de abdij van Middelburg. In 1225 sticht graaf Willem III daar een kapel voor de zielerust van de Rooms-koning, terwijl de landvoogdes Maria van Hongarije omstreeks 1542 er een praalgraf deed oprichten. Zoals zo veel middeleeuwse kunst werd het door de intolerante protestanten tijdens de beeldenstorm van 1566 zwaar beschadigd. In mei 1940 ging het hele abdijcomplex van Middelburg in vlammen op. Op dit moment zijn ter plekke nog slechts enkele brokstukken van het grafbeeld van de Heilig over.

Sint Willem van Maleval, ook William, Willem van Malvalla, Guillaume le Grand of Willem de Grote (Gest. 9 februari 1157) Feestdag 10 Februari.
Vaak verwisseld met Sint Willem van Oranje. Dit omdat zijn hagiograaf, de Bollandists Thibault, zijn levensverhaal samensteld uit de levens van minstens twee andere Heilige Willems. Wat zeker lijkt, is dat Willem van Maleval een soldaat was, die bekend stond als een liederlijke woeste bruut met nogal losse handen. Als er ergens geknokt werd, stond Willem vooraan om zich in het gevecht te mengen. De toevoeging "De Grote" slaat dan ook op zijn fysiek. Het moet een boom van een kerel geweest zijn. Na zijn bekering pelgrimeerde Willem van Maleval in zware ketenen gehuld naar Rome, om aan paus Eugenius III vergiffenis te vragen voor zijn zonde. De paus draagt als penetentie een bedevaart naar Palestina op. Na een paar jaar, zo rond 1153 keert hij terug als superieur van een Abdij in Pisa. Hier faalde Willem en hij trekt zich terug als kluizenaar. Eerst in een bos in de omgeving van Pisa, vervolgens op de helling van de Monte Bruno, waar hij al snel een schare volgelingen aantrekt en in 1154 een klooster sticht. Opnieuw mislukt hij als abt en in 1155 trekt Willem zich opnieuw terug. Dit keer in de onherbergzame vallei van Stabulum Rodis, in de omgeving van Sienna. Plaatselijk bekend als de "Maleval" ("boze vallei"). Ook hier krijgt hij volgelingen, die de Kluizenaars van Sint Willem, Willemieten, Barrevoetsbroeders of Witte-Mantelbroeders (Blancs-Manteaux) worden genoemd. Ze verspreiden zich over heel West Europa, met concentraties in Italie, de Nederlanden, Noord Frankrijk en Duitsland. Ze leven eerst naar Willems strenge regels, vervolgens die der Benedictijnen en later die van de Augustijner orde. Sint Willem van Maleval werd in 1202 heilig verklaard.

Sint Wilhelmus van Oranje, heilig stamvader van het Oranjehuis, ook Willem Kortneus, Guillaume Court-Nez, Guilhem Fierabrace, Willeham, Wilhelm d'Orange, Willem van Gellone, Willem Cornet, Willem van Aquitanie, (ca. 754 - 28 mei 812) Feestdag in Frankrijk 28 mei.
De heilige Monnik Wilhelmus van Oranje wordt soms verwisseld met Sint Wilhelmus van Maleval. Over de afkomst van deze legendarische Willem, tot twee keer toe heilig verklaard, wordt nog altijd getwist door historici. De Amerikaanse geschiedkundige Arthur Zuckermann beweerde in zijn A Jewish Princedom in Feudal France uit 1972 dat Willem van joodse oorsprong was; overleveringen vertellen dat hij afstamde van het Huis van David, dat hij tijdens militaire campagnes de sabbat in ere hield, vloeiend Hebreeuws en Arabisch sprak en zijn wapenschild tooide met de Leeuw van Juda. Volgens de oudfranse chansons de geste en in de Willeham-Epos van Wolfram von Eschenbach was Wilhelmus van Oranje de zoon van graaf Theodard en zijn vrouw Aldana (Auda). Als leenman en vertrouweling van Karel de Grote verwierf hij roem tijdens gevechten met de in Frankrijk oprukkende moslims in 790 en 794. Werd hertog van Aquitanie en veroverde op 30 april van het jaar 800 het stadje Orange in de Vaucluse, twintig kilometer ten noorden van Avignon. Orange liet hij als residentie inrichtte en zo werd Wilhelmus de stamvader van de Vorsten van Oranje werd. In 801 deed hij mee aan een kruistocht tegen Barcelona en nam deel aan de verovering van Nîmes. Trok zich in 804 terug uit het wereldse leven en sticht het klooster St. Crucis in Gellone, dat hij vernoemd naar een kruisrelikwie dat de keizer hem bij zijn intrede in het klooster schenkt. Hij bracht de laatste dagen van zijn leven door in dit klooster, waar hij volgens Zuckermann werd ingewijd in de hogere leerstukken van de kabbala, de antieke joods-mystieke leer van de persoonstransformatie. Na zijn dood wordt zijn graf een goed bezochte bedevaartsplaats. Pas nadat hij de tombe van Sint Willem heeft bezocht vertrekt Raimbaud II, graaf van Oranje als leider van de eerste kruistocht van 1096 naar Antakya (het oude Antiochië in Turkije) en Jeruzalem. De relieken van Wilhelmus van Oranje worden in 1139 in het hoofdaltaar van St. Crucis ondergebracht. Keizer Frederik Barbarossa bezoekt in 1182 zijn stoffelijke resten en verleend bij deze gelegenheid aan Bertrand I van Baux, getrouwd met een gravin van Orange, het recht zich prins van Orange te noemen. Het geslacht Baux lieerde met de familie Chalon. Toen Philibert van Chalons in 1530 kinderloos stierf, ging de titel prins van Oranje over op de zoon van zijn zuster Claudia, René van Chalon, wiens vader Hendrik III van Nassau (heer van Breda) was. Als René in 1544 eveneens kinderloos sterft, erft de oudste zoon van zijn oom van vaderszijde, Willem de Rijke, graaf van Nassau de titel. Zijn oudste zoon zou als Willem de Zwijger of Willem van Oranje-Nassau nog een rol spelen in de geschiedenis van de Nederlanden. Het huidige Huis van Oranje stamt echter niet van deze erfgenaam af. Het klooster van oerstamvader Sint Wilhelmus van Oranje wordt in 1793 verwoest. Toch weet men de hoogheilige botten te redden. Het grootste deel bevind zich in het relikwarium van de Saint-Serlin te Toulouse, terwijl een armrelikwie (Fierabrace) in Saint-Guilhem-du-Désert te Gellone wordt vereerd. Paus Alexander II. sprak Wilhelmus van Oranje in 1066 voor de tweede keer heilig.
De plaatsen Willemsdorp in Zuid Holland, Willemsoord in Overijsel en Willemstad zijn vernoemd naar een van de latere Oranjekoningen. Deze titulaire erfgenamen van de heilige Willem van Orange.
Lit.: W. J. A. Jonckbloet, Guilhem d'Orange, 's-Gravenhage 1854; René Zwaap in De Groene Amsterdammer van 19 februari 1997.

Wilp. Het kerkje in Wilp werd gesticht door Sint Lebuïnus. Zijn missiegebied ten oosten van de IJssel vormde de grens tussen de koninkrijken van de Saksen en de Franken. Dat de kerk op de grens van dit in politiek en militair opzicht gevaarlijk terrein nog bestaat mag op zich een wonder heten. Het door hem gebouwde kerkje in Deventer werd in 772 door de Saksen verwoest. De opvolger van Lebuïnus, de Fries Ludger, kwam twee jaar later speciaal naar Deventer om een nieuw kerkje op het graf van Lebuïnus te bouwen. Een lang leven was ook deze tempel niet beschoren, want het werd in 778 tijdens de grote opstand van de Saksen onder Widukind verwoest. Zelfs de Noormannen in het jaar 882 overleeft het kerkje.

Wilsveen gemeente Leidschendam (Zuid Holland) Bedevaartsplaats in Nederland ca. 1580-1650 volgens kaart 1 in Marc Wingens 'Over de grens'. Wilsveen werd samen met 's Gravensande en Bergen met name genoemd in het het bedevaartverbod dat de Staten van Holland in 1587 afkondigden. Op straffe van hoge geldboete werd het houden van bedevaarten verboden. In 1644 weten de jezuieten van Delft het oude cultusbeeld van Onze Lieve Vrouw van Wilsveen te bemachtigen en in hun statiekerk uit te baten.

Sint Wiro (Gest. ca. 710) Feestdag bisdom Roermond 3 mei (Oude kalender Den Bosch en Roermond 12 mei, viering reliekverheffing bisdom Roermond op dinsdag na Drievuldigheidszondag). Overige kerk: 8 mei. Sint Wiro werd in Ierland geboren en bezocht samen met zijn vrienden sint Plechelmus en deken sint Otger de heilige stad Rome, waar hij en Plechelmus door de Heilige Vader tot bisschop worden gewijd. Zij waren medewerkers van Sint Willibrord in onze streken, hoewel niet zeker is of zij tot zijn eerste metgezellen hebben behoord. Het lijkt aannemelijk dat ze in Twente en Limburg hebben gewerkt. St. Wiro Pepijn van Herstal moet een groot bewonderaar van deze heilige zijn geweest, en schonk Wiro een stuk uitgestorven bos met de Pietersberg (Sint Odilia). Vaak kwam Peppijn blootsvoets naar de heilige om bij hem zijn zonden te biechten. Wiro stierf rond 710 in Utrecht, waar hij in eerste instantie ook werd begraven. Later werden zijn relieken overgebracht naar het klooster van Sint Odiliënberg bij Roermond, welk door Wiro, Plechelmus en Otgerde was gesticht
Litt. Missale Romanum Ned. editie (1955); 24 Appendix Misboek Dominikanen; Mirebus en zijn leven in de Bollandist, met een hymne en verschillende andere herinneringen 2, Maij. p. 309.

Wittem, zie Sint Gerardus Majella (Geert van Wittem).

Sint Wolbodo (ca. 950-20 april 1021). Feestdag 21 april. Van Wolbodo’s geboortejaar is niets opgetekend, maar nergens in de vitae in de Acta Sanctorum wordt gemeld dat hij of heel oud geworden is of heel jong is gestorven. Volgens de oudste beschrijving stamt Wolbodo uit een verder niet genoemd adelijk Vlaams geslacht en kwam hij als kind in de dagen van bisschop Balderik (920-976) naar de Domschool van Utrecht, waar hij als leerling werd aangenomen. Onder Balderiks opvolgers Folcmar, Boudewijn I, Ansfried en Adelbold steeg Wolbodo op de ladder van kerkelijke waardigheid. Reeds in zijn studententijd (waarschijnlijk) werd hij er kannunik en het is aannemelijk dat Wolbodo rond 1012 als ´magister scholarum´ of ´scholaster´ de leiding over de Utrechtse Domschool kreeg. Hij bleef onderwijzen, ook nadat hij tot proost van het Domkapitel was benoemd. Uit deze periode stammen zijn betrekkingen met het keizerlijk hof. Aan zijn vriendschap met keizer Heinrich II ´de heilige´ dankte Wolbodo zijn benoeming als hofkapelaan. De Ottoonse keizers hadden de gewoonte om capabele clerici die zij aan hun staatsdienst meenden te kunnen verbinden, een verdere opleiding te geven en dicht bij zich in de buurt te houden. Vaak werden zij aan een soort test onderworpen, die, wanneer zij daarvoor slaagden, veelal leidde tot een bisschopsbenoeming (of iets dergelijks). Wolbodo’s belangrijkste wapenfeit is waarschijnlijk zo’n test geweest. De opstandige graaf Dirk III (van Friesland, later Holland) had namelijk bij Vlaardingen aan de toenmalige Merwede wederrechtelijk een tol opgericht, waarover de schippers bij de bevoegde instanties heftig klaagden. De bisschop van Luik en de hertog van Neder-Lotharingen, Godfried II, werden er met legers op af gestuurd om Dirk mores te leren. De Luikse bisschop overleed echter op weg naar Vlaardingen bij Tiel, waarna zijn leger aftaaide, en het leger van Godfried gruwelijk werd verslagen. Volgens het verhaal zouden de lijken een jaar later nog aanspoelen in het drassige, zompige Hollandse moeras, waar het hertogelijke leger helemaal niet op voorbereid was.Godfried werd gevangen genomen door Dirk, hetgeen beschouwd werd als een directe belediging van het keizerlijk gezag. Keizer Hendrik de Heilige zond Wolbodo uit om te onderhandelen en wist Godfried vrij te krijgen. Bovendien wist hij voor Dirk bij de keizer het tol en het gebied in leen te krijgen. Deze succesvolle onderhandeling wordt door de hagiografen toegeschreven aan Wolbodo’s faam en heiligheid. Het is niet onmogelijk dat Dirk en Wolbodo elkaar kenden of misschien zelfs familie van elkaar waren. Wolbodo was immers van hoge Vlaamse adel, Dirks vader was Arnulf van Gent, zijn moeder was er een van Vlaanderen. Dit betekent dat Wolbodo het begin van het latere graafschap Holland mogelijk heeft gemaakt, en zeker vermelding in de Nederlandse geschiedenis verdiend. Het verhaal wordt in elk geschiedenisboek vermeld zonder Wolbodo’s beslissende bemiddeling. In 1018 volgt zijn benoeming tot bisschop van Luik. Zijn zorg voor armen en zieken bezorgde hem grote populariteit. Hij schrok er niet voor terug de kerkschatten te gelde te maken om de behoeftigen te kunnen ondersteunen. Hij moets zich zelfs bij de keizer verdigen tegen valse beschuldigingen die tegen hem waren ingebracht. Het was destijds gebrruikelijk de vorst te vereren met een passend geschenk. Daartoe bracht Wolbodo een grote hoeveelheid goud en zilver bijeen. Op moment van vertrek naar de keizer, bekeek Wolbodo de schat die hij wilde meenemen, en besloot dat er heel wat mensen waren die dit beter konden gebruiken. Binnen enkele uren was alles onder de paupers verdeeld. Wolbodo verscheen met lege handen voor de keizer. Die had er geen probleem mee dat Wolbodo alles aan de armen had gegeven en antwoorde: ´Je had je geschenken in geen betere schatkist kunnen opbergen´. Tijdens zijn sterven bleef hij de gebeden uit zijn psalterium opzeggen ´totdat zijn tong dienst weigerde´. Dat was op 19 april van het jaar 1021. Slechts drie jaar was hij bisschop van Luik geweest, maar het was voor het volk voldoende om hem na zijn dood als een heilige te gaan vereren
In ‘Met de heiligen het jaar rond’, dl. 2 (Bussum, 1949) staat foutief 19 april als feestdag van Wolbodo vermeld. Dit moet 21 april zijn, zoals alle andere bronnen als de uitgebreide originele Latijnse vitae in de Acta Sanctorum meldden. Het psalterium met 150 psalmen en de oude heiligenlitanie van het bisdom Utrecht met de namen van de meeste Hollandse Heiligen, dat Wolbodo in Utrecht gebruikte, is bewaard gebleven in de Koninklijke Bibliotheek te Brussel onder nr. 9188-9189. Dit psalterium bevat glossen waarvan het zeer wel mogelijk is dat die door Wolbodo zelf zijn opgetekend.
Met dank aan Christian van Zitteren.

Sint Wulfram ook Wulfranus, Wulframnus, Wulfrannus (gest. op 20 april 720). Feestdag bisdom Haarlem 20 maart. De vader van Wulfram was een officier in het leger van Koning Dagobert. Sint Wulfram diende een paar jaren in het hof van de Koning Clotaire III. De H. Bathildes was zijn moeder en ze kwamen van Normandie. Sint Wulfram was dus van adel en groeide op aan het hof der Merovingers. Wulfram moet een bijzonder vrome beer van een kerel zijn geweest. Oersterk en een goed vechter was Wulfram. Eigenlijk zou het liefst de heidenen mores leren. Hij huilde dan ook toen hij rond het jaar 682 tot bisschop van Sens in Normandië benoemd. Omstreeks 690 liet hij zijn bisschopstroontje voor wat die was. Sint Gangulfus vroeg hem om als lijfwacht mee te gaan naar Friesland. Daar bestreed hij gelijktijdig met Sint Willibrord de heidenen. Hij heeft een massa mensen gedoopt, en daaronder ook de zoon van Koning Radboud. Er is een verhaal dat in die tijd een man, Ovon geheten, gekozen werd om geofferd te worden aan een van de Friese afgoden. Wulfram bad om zijn leven te sparen, maar de mensen wilden niet luisteren. Ze zouden ze hem wel vrij laten als de God van Wulfram de reeds opgehangen Ovon weer tot leven zou wekken. Toen begon Wulfram te bidden bij het dode lichaam van Ovon. Plotseling brak het touw en Ovon viel op de grond neer. Het bleek dat hij nog leefde en werd vrijgelaten. Later werd Ovon monnik. Wulfram redde ook op een wonderbaarlijke wijze twee kinderen van een verdrinkingsdood. Als deze wonderen maakten blijkbaar weinig indruk op de Friese koning. Nadat Wulfram nabij Hoogwoud tevergeefs had geprobeert de Friese koning tot het christendom te bekeren, trok hij zich teleurgesteld terug in het klooster van Fontanelle in Frankrijk. Daar zou hij op 20 april 720 in hoge ouderdom zijn gestorven. Er is een naar deze heilige genoemde basisschool in Hoogwoud: wulfram@multiweb.nl
Litt, Missale Romanum Ned. editie (1955); 14 Appendix Misboek Dominikanen.

X

Sint Xerome, ook Jerom,
Geselheilige, waarvan niet meer bekend is dan dat hij in de Moorse tijd in het Noord Spaanse Galicia moet hebben geleefd. Sint Xerome zou in het geheim Moorse kinderen tot het katholicisme hebben bekeerd. Hetgeen hem op de meest verschikkelijke martelingen en dood kwam te staan. In Stantiago de Compostela bevind zich aan het plein van de kathedraal het Huis van Sint Xerome. Het werd in opdracht van Alonso II voor arme studenten gebouwd aan het eind van de 15de eeuw en huist tegenwoordig het Rectoraat van de Universiteit van Santiago

Y

Z

Zoete Lieve Vrouw van Den Bosch () zie Den Bosch. 48 Appendix Misboek Dominikanen.

INDEX

Ontbreekt er informatie? Is er een situatie veranderd?
Laat dat dan in ons Hollandse Heiligen mededelingenboard weten.

Deze on-line encyclopedie van Nederlandse Heiligen, Genadeoorden en bedevaartsplaatsen is geschreven door Mohamed el-Fers.
Van dezelfde auteur verschenen o.a.:
Jacques Brel ISBN 90-5330-245-X, in België ISBN 90-5312-113-7;
Istanbul ISBN 90-5330 240 9, in België ISBN 90-5466 790 7;
Columbus ISBN 90-5330-032-5;
Bob Marley ISBN 90-5330-015-5;
Oum Kalsoum ISBN 90-5330-036-8;
Mehmed VI Vahdeddin, de laatste sultan ISBN 90-5330-023-6;
Ramadan, meer dan vasten (Mohamed el-Fers en drs Veyis Güngör) ISBN 90-736-1613-1.
Hoe gevaarlijk zijn de Turken? (Mohamed el-Fers en drs Chris Nibbering) ISBN 90-9011-752-0;
Encyclopedie van Hollandse Heiligen en Genadeoorden RKBN 2002-0006991

Theater: ´Amsterdams Mirakelspel´ en ´De Zaak Schnitke´ (premiére voorafgaande aan de Alfred Schnitke opera ´Life with an idiot´ in aanwezigheid van de componist en H.M. koningin Beatrix en Z.K.H. prins Claus der Nederlanden).

All sites © Mohamed el-Fers

Junior MariaBode

HOME