|
Sint Ignatius, ook Ignaas, Ignatio, Iñigo, Ignaas
van Antakya (Antiochië). (Gest. 17 oktober 107 of 111).
Feestdag 17 oktober. Tal van onderwijsinstellingen in ons
land dragen de naam Sint Ignatius. Vaak ter ere van de jezuietenheilige
Ignatius van Loyola (zie Jan Rothaan), maar ook deze
was weer vernoemd naar de derde bisschop van de huidige
Turkse stad Antakya (Antiochië). Denk niet dat deze in geloofijver
onderdeed voor de heilige jezuiet. Menig modern jihad-strijder
kan een voorbeeld nemen aan de ´eerste sint Ignaas´, die
rond het jaar 70 Petrus en Evodius als bisscop van Antakya
opvolgde. Ignatius, leerling van de twaalf apostelen, had
als grootste wens martelaar te worden. Hij zoekt het gevaar
en geniet van de verhalen als hij hoort over de standvaste
christenen weigeren de keizer van Rome eer te bewijzen.
Als hij de kans krijgt, spingt hij ook voor de gouverneer
en laat deze op hoge toon weten dat alleen bij Jezus en
zijn opvolgers de wet ligt en niet bij een of andere keizertje
in Rome. Ignatius wordt dan ook als majesteitschenner gevangen
genomen en ter berechting naar Rome afgevoerd. De legende
verhaalt van alle ontberingen die Ignatius onderweg moest
ondergaan. Gedurende de reis worden zijn bewakers steeds
harder en ruwer, en wel zo dat ´hij met vreugde Rome met
al zijn hongerige leeuwen´begroet. Toch had Ignaas nog tijd
om maar liefst zeven brieven aan de verschillende christelijke
gemeenten te schrijven. Ignatius is de eerste die de kerk
´katholiek´ noemt en benadrukt dat al die verschillende
kerken door één bisschop moeten worden geleid. Omstreden
is dat hij aan de wortels zou hebben gestaan van het ´primaatschap
van Rome´ als ´Moederstad van de Rooms Katholieke Kerk´.
Hij zou als bisschop van een van de voornaamste christelijke
gemeenten een akte van gehoorzaamheid hebben afgelegd omdat
hij schreef dat Rome de wet van Christus´ bezat. Niet alleen
is de echtheid van dit geschriften omstreden, de tekst is
bovendien voor meerdere uitleg vatbaar. Van belang voor
de kerkelijke ontwikkeling is wel wat Ignatius in de brieven
schrijft over de eucharistie, het geloof dat Jezus daadwerkelijk
aanwezig is onder de gedaanten van brood en wijn. Als je
dat niet geloofd, moet je maar niet ter communie gaan. Ignatius
schrijft ook dat het voor hen beter zou zijn te beminnen
´om ook te mogen verrijzen´. Om het kwaad te kunnen weerstaan
moeten de gelovigen vaker naar de mis en meer ter communie.
Jezus is volgens Ignatius ´het geneesmiddel tot onsterfelijkheid´,
want ´in hem sterven wij niet maar leven we voor eeuwig.´
Eenmaal in Rome is zijn enige vrees dat de christenen amnestie
voor hem weten te krijgen. Hij wil koste wat kost voor de
leeuwen en smeekt de Romeinse christenen hem zijn offer
te laten brengen. Als hij de verhalen hoort van leeuwen
die door een hemels ingrijpen kieskeurig weigeren om christenen
te vreten, is Ignatius woedend. Mocht hem dit overkomen,
dan zijn de beesten nog niet met hem klaar en zal hij ze
´met geweld dwingen´. Op 17 oktober in het jaar 107 of 111
gaat zijn wens in vervulling. De overgebleven botten moeten
zijn verzameld, want ze worden tot op vandaag de dag vereerd
in de San Clemente te Rome.
Ida Peerdeman (1905-1996).
Mariaverschijningen
zijn geen ongewoon fenomeen in Rooms Katholieke kringen.
Al vanaf de vroege middeleeuwen bestaan er berichten over
de verschijningen waaraan de kerk al dan niet haar officiele
goedkeuring verleende. Aan de verschijningen in het zuidfranse
Lourdes, het Portugese Fatima en die in de Belgische plaatsjes
Banneux en Beauraing en in 2002 aan Amsterdam heeft de katholieke
kerk haar officiele goedkeuring verleend. De Mariaverschijningen
die in de '40er en '50er jaren in Amsterdam plaats hebben
gehad, werden dus zes jaar na het sterven van de zieneres
erkend. Toch smaakte de toen 90-jarige mej. Peerdeman nog
geen twee weken voor haar dood de inzet tot deze door veel
katholieken zo innig gewenste kerkelijke erkenning. Toen
gaf de Haarlemse bisschop Bomers namelijk de publieke verering
van de Amsterdamse Verschijning en het door Maria gegeven
gebed voor Alle Volkeren vrij.
Nabij het Beatrixpark in Amsterdam bevind zich het onopvallende
gebouw waar Ida de laatste jaren van haar leven woonde en
zich de kapel bevind waar jaarlijks duizende pelgrims samenkomen
om te bidden voor het schilderij met de afbeelding van de
´Vrouwe van alle Volkeren´, geschilderd naar de aanwijzingen
van Ida Peerdeman zelf, aan wie de Heilige Maagd vele keren
verscheen tussen 1945 en 1959. Ida Peerdeman werd in 1905
te Alkmaar geboren als laatse kind van een familie met vijf
kinderen. Ze was slechts acht jaar oud toen haar moeder
stierf en haar vader, een textielhandelaar, naar Amsterdam
verhuisde met zijn vijf kinderen. Aangezien haar vader vaak
afwezig was, zorgde haar oudste zuster voornamelijk voor
de familie. De familie, niet al te fanatieke katholieken,
was niet uitzonderlijk vroom. ´We gingen zondags naar de
kerk, en dat was het´, zou Ida later zeggen.
Ida was twaalf jaar oud toen, op zaterdag 13 oktober 1917,
de dag dat de laatste van de zes verschijningen van Maria
in het Portugese Fatima plaats had, ze op de straat die
naar de kerk leidde, een wonderschone dame in verblindend
licht waarnaam. Deze dame was gekleed in een lange wit gewaad
en droeg een sluier. Dit kan alleen maar de Heilige Maagd
zijn, dacht Ida. In die oktobermaand verscheen haar de dame
voor de tweede keer. Ze sprak er thuis over, maar niemand
nam haar verhaal serieus. Ida wilde eigenlijk kleuterleidster
worden. Dit ging echter niet door omdat ze volgens haar
leraren een gebrek aan fantasie zou hebben, onontbeerlijk
in dit beroep. Deze beoordeling zou later in haar voordeel
uitpakken toen de betrouwbaarheid van haar verschijningen
ter sprake werd gebracht. Op haar 20ste werkte Ida bij de
Boldoot Eau de Cologne-fabriek aan de Haarlemmerweg. In
deze periode was de jonge vrouw het slachtoffer van diabolische
manifestaties: lampen gingen heen en weer in haar huis,
deuren opende en sloten zich vanzelf, wijzers van de klok,
gingen als waanzinnig geworden ronddraaien en de oven die
ze zelde gebruikte begon vanzelf te roken. De situatie werd
bedreigender toen Ida zels het slachtovver werd van duivelse
tyrannie. Haar biechtvader pater Frehe besloor toen een
exorcisme op haar toe te passen., met toestemming van de
bisschop van Haarlem. Het laatse wat de duive+ tegen hem
zei was: ´Jullie priesters, ik zal klaarkomen met jullie!´,
Op weg naar huis viel pater Frehe door een ijzeren rooster.
Tot in het eerste jaar van de Tweede Wereldoorlog leidde
Ira een redelijk rustig leven. Maar begin mei 1940 had een
opmerkelijke gebeurtenis plaats: Ida kreeg visioenen over
de komende oorlog in Europa. Ze zag de Oder-rivier gevuld
met bloed, gevechten in de Betuwe, Mussolini opgehangen
aan zijn voeten... ze beschreef Hitlers Adelaarsnest-bunker
in de bergen van Berchtesgaden. Tijdens deze visoenen staarde
ze in het oneindige en vertelde langzaam aan de aanwezigen
wat ze zag en hoorde. Aan deze oorlogsvisioenen kwam een
abrupt einde op 24 maart 1945, toen de verschijning van
de dame zich opnieuw aan Ida vertoonde. Ze was inmiddels
veertig jaar geworden en woonde met haar zusters. Gedurende
veertien jaar verscheen de dame 55 maal. Gedurende deze
verschijningen gaf de Heilige Maagd haar boodschappen. Idas
zusters waren gewoonlijk aanwezig tijdens deze gebeurtenissen
en haar oudste zus noteerde de woorden die Ida herhaalde
nadat de Moeder van God deze had uitgesproken. Haarlemse
bisschoppen als mgr. Zwartkruis en diens voorganger Mgr.
Doodewaard vonden het maar niets dat Maria aan mej. Peerdeman
was verschenen. 'Ze beschouwde me als een hysterica' liet
Ida weten in de documentaire die het lokale Amsterdamse
tv-station MokumTV uitzond op de woensdag na haar begrafenis.
Maar Ida's 'Vrouwe van Alle Volkeren' vertelde haar dat
ze zich niet van de wijs moest laten brengen. In de 70er
jaren verkreeg de stichting van de Vrouwe van alle Volkeren
van de familie Brenninkmeijer (C&A) voor een symbolisch
bedrag de panden aan de Diepenbrockstraat in eigendom. Er
werd een secretariaat gevestigd en een kapel gebouwd. Hier
zou Ida Peerdeman de laatste jaren van haar leven doorbrengen.
Het was bisschop Henny Bomers die kort voor de dood van
Ida de kroon plaatste op haar lange leven. Een leven waarin
zij vooral van kerkelijke zijde tegenwerking en vernederingen
te verduren had. Redding van rampen was alleen mogelijk
indien de volkeren der aarde massaal het speciale gebed
dat Maria aan Ida geleerd had zouden bidden. Vanuit haar
door de familie Brenninkmeijer geschonken kapel in Amsterdam-zuid
verspreidde zij jarenlang de boodschappen en het gebed van
de 'Vrouwe van Alle Volkeren' over de hele wereld. De bisschoppen
van Haarlem vonden dat maar niets, maar uit angst dat iedere
actie van kerkelijke zijde een overdonderende reactie in
de pers veroorzaakte, gedoogde men deze toestand. Tot de
Haarlemse bisschop op 31 mei 1996 een verklaring afgaf waarin
hij en hulpbisschop Punt de openlijke verering van Ida's
Maria in de vorm van Vrouwe van alle Volkeren kerkelijk
toestond. Na deze mijlpaal leek het alsof Ida's taak voltooid
was. ´Nu kan ik sterven´, sprak Ida toen het nieuws haar
werd medegedeeld. Een paar dagen later werd zij ernstig
ziek en ontving zij de sacramenten van de stervende. Op
vrijdag 14 juni 1996 werd ze opgenomen in het VU-ziekenhuis,
waar zij op 17 juni op 90-jarige leeftijd overleed. De erkenning
kwam net op tijd. Zo celebreerde mgr. Bomers de pontificale
uitvaartmis in de kapel aan de Diepenbrockstraat en de begravenis,
bijgestaan door diverse kerkelijke hoogwaardigheidsbekleders.
Niet alleen uit Europa, maar ook uit Amerika en Japan kwam
men de laatste eer bewijzen aan Ida Peerdeman. Aan de open
groeve van het familiegraf had een tot dat toe ongekende
gebeurtenis plaats: De adellijke Ida (edelvrouwe van de
oude, uit de kruisvaarderstijd stammend Millicia Jesu-Christi)
werd postuum het habijt verleend van de congregatie 'Familie
van de Medeverlosseres'. Wat in feite betekend dat de altijd
ongehuwde Ida door pater Paul Sigl tot non werd gemaakt.
Het witte kloosterkleed werd door Sigl, medewerkerker van
de Croatische bisschop mgr. Hnilica, vriend van paus Johannes
Paulus II, op de doodkist geworpen. MokumTV was als enige
aanwezig en maarkte indrukwekkende opname van deze begrafenis.
Nu de openlijke verering en het door Maria aan Ida gedicteerde
gebed zijn goedgekeurd, zijn verschillende kerkelijke autoriteiten
het erover eens dat het uiteindelijk wel tot een zalig,
cq. heiligverklaring van Ida Peerdeman zal komen. Het graf
van de Mariazieneres op begraafplaats Sint Barbara aan de
Spaarndammerdijk in Amsterdam West. De aan de Mariaverschijning
van Ida Peerdeman gewijde kapel ligt aan de Diepenbrockstraat
3 in Amsterdam Zuid. Tel 020 6620504. Zie ook Officiele
Homepage Vrouwe van Alle Volkeren,
Sint Ida van Leeuw, Uit Leeuw bij Roermond. Met
de heiligen het jaar rond deel 2 374.
Sint Idesbaldus (Gest. 21 april 1167). De Zalige
Idesbaldus van der Gracht was van 1155 tot 1167 de derde
abt van de Vlaamse cisterciënserabdij Ter Duinen. Over de
afkomst van abt Idesbald zijn de meningen nogal verdeeld.
De meesten houden het nochtans bij de populaire versie dat
Idesbald de zoon was van herenboer Eggewaard, waarnaar later
het dorp Eggewaartskapelle genoemd werd. Idesbald zou na
een lange politieke loopbaan, o.m. als schepen van de Kasselrij
Veurne, omstreeks 1155 in de abdij Ter Duinen zijn binnengetreden.
Een boerenzoon die het op latere leeftijd tot abt brengt:
dat sprak tot de verbeelding.Vandaag zijn de historici echter
een andere mening toegedaan. De Vlaamse historicus Johan
Termote: "Het is meer waarschijnlijk dat de jonge Idesbald
kanunnik was van het kapittel verbonden aan de Veurnse Sint-Walburgakerk.
Hij duikt al vanaf 1114 (dat is liefst 41 jaar voor hij
abt wordt) in de bronnen op en had blijkbaar goeie relaties
met het grafelijk hof. De kronieken van de abdij spreken
zich in die zin uit. Bovendien was Idesbaldus in de abdij
aanvankelijk cantor of zangmeester. Maar hij verrichtte
ook de taken van secretaris, archivaris en bibliothecaris.
Dat vereist een stevige klerikale vorming, wat je in die
tijd van een zoon van een herenboer moeilijk kunt verwachten."
De Zalige Sint-Idesbaldus genoot ook langs de Nederlandse
kusten verering als patroon van de vissers. Idesbaldus was
tevens patroon voor de landbouwers en de Vlaamse adel. In
de voor watersporters niet onbekende Belgische gemeente
Koksijde staat aan de Van Buggenhoutlaan het aan de zalige
abt gewijdde Sint-Idesbald-kapelletje, doel van de traditionele
bedevaart naar Baldjes Kruus die op Idesbaldus´sterfdag
in april plaats heeft. De stoffelijke resten van de zalige
abt worden bewaard in een loden kist in de Potteriekerk
te Brugge. Informatie: Genootschap van de Zalige Idesbaldus,
Vlaanderenstraat 15 te Koksijde, België (tel. 058/51.44.06).
Sint Irmgard van Zutphen, ook Irmingarda, Irmingardis,
Ermgardis; Irmtraud, Irmentruth, Yrmenthrudis, Erminthrudis,
Irmgard van Aspel, Irmgard van Keulen, Irmgard van Süchteln.
(Gest. 4 februari 1082) Feestdag 4 september.
Oudste dochter van Godizo, heer van Aspel, echtgenote van
graaf Kadalo, broer van aartsbisschop Pilgrim van Keulen..
Trok zich na de dood van haar vader in 1011 terug naar de
burgt te Aspel, gelegen op een eiland in het Aspeler Meer
in het Duitse Niederrhein. Irmgard is in de 4de graad met
Heinrich III. (1039-1056) verwant, waardoor zij claims op
de titels gravin van Gelre en Zutphen zou hebben. Vandaar
dat ze ook als Irmgard van Zutphen bekend staat. In elk
geval wordt ze in 1041 met de plaatsen Herve, Vaels, Epen
en Valkenberg (Limburg) beleend. Ze wordt genoemd in een
oorkonde van Aartsbisschop Sigewin van Keulen (1079-1089)
als stichter van de kerk in Rees-Haldern en als weldoenster
van het kloostercollege in Rees, dat zij voor hun onderhoud
rijkelijk met schenkingen voorziet, evenals het klooster
St. Pantaleon in Keulen.
Als Irmgard voor de eerste keer als pelgrim naar Rome gaat,
vraagt de paus haar de volgende keer een relikwie van Sint
Ursula mee te brengen. Bij het opgraven van het Keulse graf
van Ursula kleurt de handschoen van Irmgard zich bij aanraking
van de aarde bloedrood. Volgens het verhaal zou paus Silvester
III. haar als dank het Hoofd van Sint Silvester, de eerste
martelaar van het christendom, hebben geschonken. In werkelijkheid
heeft het Silvesterreliek Rome nooit verlaten. Irmgard zal
in totaal drie maal Rome bezoeken, en in verschillende plaatsen,
waaronder Aspel/Rees, Süchteln (tegenwoordig een stadsdeel
in Viersen en uiteindelijk in Keulen wonen. In Keulen sterft
zij. Hoogstwaarschijnlijk op 4 september 1082. Ze wordt
in de Keulse Dom begraven. Op 10 november 1319 wordt haar
gebeente opgegraven en naar een nieuwe sarcofaag in de Agneskapel
in het nieuwe koor overgebracht. Hetgeen in feitte de kerkelijke
goedkeuring van haar cultus als heilige betekend. Irmgard
wordt als pelgrim afgebeeld, met pelgrimsstaf en bloedige
handschoen.
Litt.: Seeger, Hans-Karl: Die heilige Irmgard von Aspel.
In: Kalender für d. Klever Land 47. 1997 pag.. 31-37;
J. J. Sluyter, Gräfin I. von Aspel, Sonntagsbeil. zur
Rhein-Westfäl. Volkszeitung 1891; P. Norrenberg, Die
hl. Irmgard. von Süchteln, Bonn 1894; /p212 II heilige
jaar rond.
Sint Isodorus van Sevilla (556-636), ook Isodor,
Sodorio, Isodo
Feestdag 4 april
Patroonheilige van het internet, mede-patroon Spanje. Sint
Isodorushoeve in Overijssel is naar deze heilige vernoemd.
Isodorus werd in het jaar 560 in een gehucht nabij Sevilla
in Spanje als één van de vijf kinderen van Severianus en
Theodora. Nadat zijn vader stierf, werd hij door zijn oudere
broer Leander
opgevoed. Leander was zijn onmiddelijke voorganger als aartsbisschop
van Sevilla;
terwijl zijn jongere broer Sint Fulgentius
het bisdom Astigi bestierde en zus Florentina
aan het hoofd stond van 40 kloosters waarin ruim duizend
nonnen zaten.
In zijn tijd was Isodorus een van de leidende katholieke
intellectuelen. Hij had snel Hebreeuws, Grieks en Latijn
geleerd. Al tijdens zijn leven zou het hebben gewonderd
ronde deze Spaanse bisschop, die zieken genas hij 'door
de kracht van God die van hem uitstraalde'. Isodorus stichtte
scholen en bibliotheken voor de opleiding van priesters.
De werken die hij bijeen wist te brengen werden herschreven
en gebundeld tot een soort encyclopedie. Zoals de "Etymologiae"
over de zeven door de Heilige Kerk enigzins gedoogden zgn
'vrije kunsten' (de redeneerkunde, de spraakkunst, de spreekkunst,
meetkunde, rekenkunde, sterrenkunde en geestelijke muziek).
In zijn "Chronica Majora", beschrijft Isodorus
de jaren vanaf de schepping van de wereld tot het jaar
615. Isodor schreef alles op wat hij hoorde. De veelschrijver
ging geen onderwerp uit de weg ging: hierarchie, aardrijkskunde,
krijgskunst, akkerbouw, kleding, theater, godsdienst, wereldgeschiedenis,
de wetten, geneeskunde, planten,.de geschiedenis van de
West-Goten en de Vandalen.
Isodorus leidde de Spaanse concilies die in 619 (Sevilla)
en in 633 (Toledo) plaats vonden om het Arianisme te verdelgen.
Bijna veertig jaar was hij de Bill Gates van de Spaanse
kerk.
Nadat Isodorus op 4 april 636 was gestorven, werd hij werd
begraven in de dom van Sevilla. Precies vier eeuwen later,
in 1063, denkt koning Ferdinand I ongestraft het lichaam
van Isodor te kunnen stelen. Met veel poeha laat hij het
overbrengen naar zijn recidentie Leon in Noord-Spanje. Vijf
dagen nadat Isodor daar was aangekomen, strafte God de diefstal
af. Nog voor de koning het lichaam van Isodor als Patroon
van Katholiek Spanje heeft kunnen aanbidden, sterft deze
ter plekke in de kathedraal van Leon. Officieel zou de schitterende
aanblik van het Hoogheilig Lichaam de koning teveel zijn
geworden.
Na 962 jaar min of meer gewoon dood te zijn geweest, en
in populariteit overschaduwd door de Heilige Jacob (die
met tombe en al uit Palestina werd 'overgevlogen' naar Santiago
de Compostela) is het paus Clemens VIII die Isodor
in het jaar 1598 officieel heilig verklaard en tevens tot
mede-schutspatroon van Spanje uitroept. In 1722 is het opnieuw
feest in het Vatikaan en heel Spanje als Isidorus tijdens
een indrukwekkende plechtigheid door paus Benedictus XIII
wordt verheven tot Kerkleraar. Onderzoekers in het
Vaticaan stelden vast dat de Spaanse bisschop Isidorus zeer
wel geschikt zou zijn het World Wide Web te beschermen.
De tot nu toe laatste benoeming stamt uit 1998, toen Isodor
door paus Johannes Paulus II benoemd tot patroon van de
internetters. Ben je de wanhoop nabij, kun je een digitaal
schietgebedje richten tot de heilige Isidorus:
Heilige Isodoor, vrijwaart ons van foutmeldingen en virussen
Schenk ons in nood voldoende back-up.
Amen
De Zalige Ivetta van Huy bij Leiden, ook Jutta (1158-1228)
Toen ze 13 jaar was, werd Ivetta (Jutta) door haar rijke
vader uitgehuwelijkt. Na een huwelijk van vijf jaar en drie
kinderen volgt de onverwachte dood van haar man. Ivetta
is weduwe op 18 jarige leeftijd en begon melaatsen te verplegen.
Tien jaar deed ze dit, alvorens ze besluit zich van de wereld
terug te trekken. In een klein kamertje beleeft ze vervolgens
jaren lang mystieke ervaringen, voor ze daar op 13 januari
1228, bijna 70 jaar oud sterft.
Litt.: Secular Saints van Joan Carroll Cruz (TAN Books and
Publishers, Inc. 1989).
INDEX
Ontbreekt er informatie?
Is er een situatie veranderd?
Laat dat dan in ons Hollandse
Heiligen mededelingenboard weten.
Deze on-line encyclopedie van Nederlandse Heiligen, Genadeoorden
en bedevaartsplaatsen is geschreven door Mohamed el-Fers.
Van dezelfde auteur verschenen o.a.:
Jacques Brel ISBN 90-5330-245-X, in België ISBN 90-5312-113-7;
Istanbul ISBN 90-5330 240 9, in België ISBN
90-5466 790 7;
Columbus ISBN 90-5330-032-5;
Bob Marley ISBN 90-5330-015-5;
Oum Kalsoum ISBN 90-5330-036-8;
Mehmed VI Vahdeddin, de laatste sultan ISBN 90-5330-023-6;
Ramadan, meer dan vasten (Mohamed el-Fers en drs
Veyis Güngör) ISBN 90-736-1613-1.
Hoe gevaarlijk zijn de Turken? (Mohamed el-Fers en
drs Chris Nibbering) ISBN 90-9011-752-0;
Encyclopedie van Hollandse Heiligen en Genadeoorden
RKBN 2002-0006000
Theater: ´Amsterdams Mirakelspel´ en ´De Zaak
Schnitke´ (premiére voorafgaande aan de Alfred Schnitke
opera ´Life with an idiot´ in aanwezigheid van de componist
en H.M. koningin Beatrix en Z.K.H. prins Claus der Nederlanden).
All sites © Mohamed el-Fers
|