|
Sint Andreas Wouters, ook Andries (geb. 1542-vermoord
op 9 juli 1572). Feestdag 9 juli. Zie de de 19 martelaren
van Gorkum.
Frater Andreas van den Boer, ook Andreas van Tilburg.
(24 november 1841- 3 augustus 1917) Voor de Tilburgse frater
Andreas van den Boer is een proces van zaligverklaring in
Rome aanhangig gemaakt door zijn congregatie . Jan van den
Boer. na de dood van Frater Andreas op bezochten vereerders
zijn graf om zijn voorspraak in te roepen. Een bedevaart,
ondernomen in groepsverband, kwam op gang na een particulier
initiatief in 1930 van een inwoner van Bergen op Zoom. In
de loop der jaren kreeg de groep uit Bergen op Zoom steeds
meer versterking van bedevaartgangers van elders. Aan jaarlijkse
Bergen-op-Zoomse bedevaart kwam in 1979 een einde. Vanaf
1992 verschijnt het periodieke Andreasbericht van het Andreasbureau
van de Fraters van Tilburg. Hierin worden o.a. de gebedsverhoringen
die elk jaar bij genoemd bureau worden aangemeld gepubliceert.
Men herdenkt Frater Andreas op een zondag in de tweede helft
van augustus in de Kloosterkapel van de Fraters van Tilburg
aan de Gasthuisring 56, 5041 DT Tilburg.
In het Braziliaanse Belo Horizonte is een cultus rond Frater
André in de Bairro Eustáquio.
Litt. Westerburger, B. & Wouters, T., Frater Andreas
van den Boer. Uitgave Andreasbureau, Gasthuisring 54, Tilburg,
1997.
Koning, A., The Merciful Brother Without Frills, Brother
Andreas van den Boer, CMM Nairobi, 1994.
Sint Andries, ook Andreas, Dries, Andrew. In het
hart van het Amsterdamse stadswapen staan drie zogenaamde
Andrieskruizen. Tegenwoordig weten nog maar weinig mensen
wie deze Andries (Andrew in het Engels) was. In de middeleeuwen
wist iedere christen dat man in kwestie de apostel Andreas
was, een simpele visser uit het Palestijnse Bethsaida. Als
Johannes de Doper, een zonderlinge sprinkhanen en honing
etende figuur in kameelharenhemd op een dag Jezus voorbij
ziet gaan, wijst hij naar hem en zegt: Zie het Lam
Gods. Andreas en een andere leerling van Johannes
de Doper verlaten deze voor de man van wie hun meester gezegd
had dat hij niet waardig genoeg was om de riem van zijn
sandalen vast te maken. De twee volgen Jezus zonder Hem
aan te durven spreken, zodat Jezus aan hen vraagt wat zij
willen. Op hun vraag dat zij willen weten waar Hij verblijft
nodigt Jezus hen uit mee te gaan. Andreas vertelt zijn broer
Simon dat hij de Messias heeft gevonden en samen gaan ze
naar hem toe. Aan Andreas is de eer om de eerste leerling
van Jezus te worden, hoewel de eerste toch valt hij buiten
de boot wanneer Jezus Petrus en de broers Johannes en Jacobus
verkiest boven hem. Hij is het die bij de wonderbare broodvermenigvuldiging
de jongen met de vijf broden en twee vissen tot Jezus brengt.
En wanneer een stel Grieken aan de apostel Filuppus vraagt
om Jezus te mogen spreken, gaat deze naar Andreas, waarna
ze samen naar Jezus gaan. Na de dood van Jezus wil de traditie
dat Andries in het gebied rond de Zwarte Zee preekt en wordt
Dries dé apostel van het Oosten en de beschermheilige van
Rusland. Traditie wil dat Andries Stachys tot eerste bisschop
van Byzantium wijdt. Zijn broer Petrus wordt in Rome ondersteboven
gekruisigd. De Romeinse gouverneur Aegeas, bepaald geen
lekkere jongen, besluit dat Andreas diagonaal moet worden
gekruisigd. Om het lijden zo lang mogelijk te rekken wordt
Andreas niet genageld maar met touwen gebonden. Na twee
dagen zou hij op 30 november van het jaar 60 onder de regering
van keizer Nero aan zijn einde zijn gekomen. In 357 worden
de relikwieën van Andreas overgebracht naar de kerk van
de Apostelen in Constantinopel, dat zich op Andreas beroept
zoals Rome op zijn broer Petrus. Wanneer achthonderd jaar
later de Fransen aan de macht komen, laat kardinaal Petrus
van Capua het gebeente naar Italië overbrengen. Na de historische
ontmoeting in 1964 tussen paus Paulus VI en patriarch Athenagoras
van Constantinopel schenkt de laatste als groot gebaar een
icoon waarop Petrus en Andreas elkaar omhelzen. Niet lang
daarna schenkt Paulus VI aan Constantinopel een reliekschrijn
met het eeuwen eerder uit Istanbul geroofde hoofd van Andreas.
Andreas is patroon van Rusland en Schotland, dat net als
Amsterdam, Amstelveen en een aantal andere plaatsen het
Andreaskruis in vlag en/of wapen opnamen. Ook is Andries
beschermheilige van de vissers en wordt hij door trouwlustige
paartjes aangeroepen om een gelukkig huwelijk en veel kinderen
te krijgen. Eeuwenlang verkondigde men dat, wanneer trouwlustige
meisjes hem op zijn feestdag (30 november) zou aanroepen,
ze in de daaropvolgende nacht in hun droom hun toekomstige
echtgenoot konden zien. Naar sint Andries is ook een plaats
in Gelderland vernoemd (30fc38).
Sint Anna (Eerste eeuw) feestdag 26 juli. Samen
met Joachim vereerd als de ouders van de maagd Maria, Nergens
staan de namen Joachim en Anna vermeld als de ouders van
de Heilige Maagd, maar traditie zonder enig historisch bewijs
is zelden een probleem. Het oudste verhaal komt uit het
apocriefe evangelie van Jacobus, waarin melding wordt gemaakt
dat na jaren van kinderloosheid een engel aan Anna en Joachim
zou zijn verschenen met de mededeling dat ze een kind zouden
krijgen. Anne beloofde bij deze gelegenheid dat dit kind
aan god zou worden gewijd, kortom, een geringe omwerking
van het verhaal over hoe Samuel werd opgedragen door zijn
moeder Hannah (Anna) in 1 Koningen.1 Kings). Sint Anna is
de patroonheilige van katholieke moeders en de katholieke
werkende vrouw. De plaats Sint Annaparochie in de gemeente
Het Bildt in Friesland, Sint Annen in Groningen alsook Sint
Annaland en Sint Anna ter Muiden (Sluis-Aardenburg), zijn
vernoemd naar de moeder van Maria.
Sint Anselmus van Canterbury (1033-1109). Feestdag 21
januari. Bisschop belijder en kerkleraar.
De adelijke Anselmus werd in Aosta nabij Turijn
in Noordwest-Italië geboren. Anselmus kreeg een
uitstekende klassieke opleiding en was een van de
betere Latinisten van zijn tijd. Zijn vader had
een politieke carrière voor hem op het oog, en
is woedend wanneer zijn zoon voor een
kloosterleven kiest. In 1057 verliet Anselmus na
een knallende ruzie met zijn vader het ouderlijk
huis. Hij trekt enige tijd van bedevaartsplaats
naar bedevaartsplaats. Onderweg verbleef Anselmus
enige tijd in Lyon, Cluny en Avranches. Om
uiteindelijk toe te treden tot de Benedictijner
orde. In 1061 legde hij zijn geloften af in de
abdij van Bec in Normandië. Zijn doel is te
studeren onder de prior van dit klooster,
Lanfranc. Vanwege zijn vroomheid en intellect
werd hij nadat Lanfranc abt van Caen was geworden
in 1063 gekozen als prior van het klooster en in
1078 werd Anselmus abt van Bec. Anselmus was
aanhanger van Augustinus in de traditie van het
Latijnse neoplatonisme. Hij heeft twee traktaten
met godsbewijzen geschreven: 'Monologion' en
'Proslogion'. Het godsbewijs van Anselmus is er
niet om iemand die ongelovig is te overtuigen,
dat er een God zou bestaan. Hij begint het
"bewijs" als een soort gebed en de
stelling dat God iets is 'waarboven niets groter
gedacht kan worden'; in het Latijn staat er 'Id
quo majus cognitari non potest' (vrij vertaald:
het grootste dat je je denken kunt). In de
literatuur vaak afgekort met de initialen van de
eerste drie woorden: IQM. Een jaar vóór zijn
benoeming als abt had Anselmus de Monologion
voltooid op verzoek van sommige medemonniken.
Hierin onderzocht Anselmus het Godsconcept met
behulp van het verstand, en niet slechts met de
gewoonlijke methode van de auctoritas, zoals
gebruikelijk was. Anselmus richtte zijn
argumentatie voornamelijk op een van Gods
eigenschappen: de volmaaktheid. Anselmus wordt
beroemd door zijn meditaties, brieven en gebeden.
Waaronder het Proslogion, drie
metafysische dialogen: De Veritate, De
Libertate Arbitrii, De Casu Diaboli (waarin
hij probeert te verklaren hoe het wezen van
schepselen zich verhoudt tot het wezen van God,
en wat die verhouding impliceert voor het
menselijke denken en doen). In zijn Cur Deus
Homo interpreteert hij Christus' offer voor
de mensheid volgens het feodale recht. En in zijn
Concordia (Praescientiae et Praedestinationis
et Gratiae Dei cum Libero Arbitrio)
bespreekt hij de overeenstemming van de
voorkennis, voorbestemming en genade van God met
de vrije wil. Dankzij deze geschriften werd hij
de "de vader van de scholastiek"
genoemd. en ontpopte Bec zich tot een centrum van
monastieke geleerdheid en theologische
vraagstelling. Tussendoor werd Anselmus nog naar
Canterbury gehaald, om daar in 1093 aartsbisschop
te worden, alwaar hij in een machtsstrijd
geraakte tussen paus en de koning van Engeland.
In 1098 verterkt Anselmus naar Italië om bij de
paus te klagen over koning Willem II van
Engeland. In dat jaar is hij ook aanwezig op de
Synode van Bari, waar hij de filioque
clausule in de belijdenis van
Nicene-Constantinopel verdedigde. Anselmus is
vooral bekend geworden omdat hij de invloed van
de Engelse koning Rufus in kerkzaken tegen wilde
gaan. En werd uiteindelijk daardoor verbannen. In
Brugge (B) is een hotel naar deze heilige
vernoemd.
Literatuur: Anselmus van Canterbury, Proslogion,
ingeleid, vertaald en geannoteerd door dr. Carlos
Steel, Bussum 1981; p816 Missale Romanum Ned.
editie (1955).
Sint Anselmus van Utrecht (Dertiende eeuw)
Niet te verwarren met Anselmus "van Canterbury"
is Anselmus van Utrecht, wiens graf in de crypte van de
Domkerk in de 13de eeuw enige volksverering genoot als zijnde
heilzaam voor hysterici. Mogelijk behoorde deze Anselmus
tot de (gehuwde?) clerus en zou hij eerder als kloosterbroeder
werkzaam zijn geweest. Van Anselmus van Utrecht is nauwelijks
meer bekend dan dat zijn naam voorkomt op een document in
het Rijksarchief te Utrecht: " Jan van Nassau, elect
van Utrecht, geeft den kelder onder zijn huis, naast de
H. Kruiskapel, ten gebruike aan den apotheker Anselmus ('nostro
anselmo apotekario') en diens erfgenamen, 2 April 1276".
Deze H. Kruiskapel was, als voorloper van de huidige Domkerk
van Utrecht. Er was in die tijd een nauwe relatie tussen
het kerkelijk en wereldlijk gezag. De genoemde Jan van Nassau
is daar een voorbeeld van. Hij trad in de periode 1267-1290
bestuurlijk op als een graaf en kerkelijk als een niet door
Rome erkende bisschop, een zogenaamde elect. De Nassau's,
van oorsprong een Duits gravengeslacht met bezittingen in
Duitsland en het toenmalige Nederland, waren voortdurend
verwikkeld in conflicten met andere gravelijke families
en met de geestelijkheid, vonden het al vroeg belangrijk
om een soort 'lijf-apotheker' in hun hofhouding te benoemen.
Waarschijnlijk was Anselmus alleen werkzaam voor Jan van
Nassau en zijn hovelingen, want er zijn geen aanwijzingen,
dat zijn apotheek ook een openbare is geweest. Wat geneesmiddelen
betreft zal hij zich wel voornamelijk met kruiden hebben
beziggehouden, waarbij overigens de farmaceutische technologie
zeker zijn aandacht zal hebben gehad, zoals in de bereiding
van extracten. Hoe het Anselmus van Utrecht verging is niet
bekend. Zijn verdwenen graf wordt twee eeuwen later één
keer genoemd in een Spaans reisverslag over Vlaamse genadenoorden.
Zijn broodheer, Jan van Nassau, vergreep zich aan het geld
en goud dat hij voor een kruistocht had laten collecteren
en werd in 1290 afgezet. Tot een echte cultus rond de eerste
Hollandse apotheker is het nimmer gekomen.
Sint Ansfridus, gest. 1010
Sint Anthonie, ook Anthonis. Teun () Feestdag Het
dorp Sint Anthonis in de gemeente Oploo N.B. en de Sint
Anthoniepolder in Zuid Holland zijn vernoemd naar Toon.
Door de gemeentelijke herindelingen van enkele jaren geleden
is niet alleen de vorm van de gemeente Oploo veranderd,
maar ook de naam. Tegenwoordig is de gemeente Oploo c.a.
de gemeente Sint Anthonis.
Sint Antoon v. Hoornaer , ook Antonius van Hoornaer(t)
(geb. datum onbekend-vermoord op 9 juli 1572). Feestdag
9 juli. Zie de de 19 martelaren van Gorkum.
Sint Antonius van Weert (geb. 1523-vermoord op 9
juli 1572). Feestdag 9 juli. Nadat de 19 Martelaren van
Gorcum op 29. juni 1867 door Pius IX waren heiligverklaard,
werd er voor éém van hen, de franciskaner
Antonius van Weert in het dorp Kampershoek Rosveld bij Weert,
waar hij geboren was, een kapel gebouwd. Dit ontwikkelde
zich al snel tot een culcentrum voor de vereerders van deze
martelaar. In de eerste helft van de 20e eeuw werd in dezelfde
kapel de H. Brigida ondergebracht en onstond er een regionale
dubbelverering voor beide sinten. Hieraan kwam in de jaren
zeventig van de vorige eeuw een einde. De kapel werd in
1992 gesloopt. Zie ook de de 19 martelaren van Gorkum.
Sint Antonius v. Willehad, gest. 1572
Sint Arcadius de Amazight, ook Arca de Rompheilige,
Arcadius de Berbermartelaar. Feestdag 12 januari. In de
beschrijving van het martelaarschap van deze heilige wordt
de tijd niet genoemd. Sommigen menen dat dit plaats had
onder keizer Valeriaan, anderen menen dat het onder Dioclesiaan
heeft plaatsgehad. Wel staat er dat zijn martelaarschap
in een stad in Mauritanië plaats had, waarschijnlijk in
de toenmalige hoofdstad Caesarea. Brutaal braken de Romeinse
soldaten het huis van de heilige binnen en toen ze Arcadius
vonden, besloten ze hem ter plekke te straffen voor zijn
christengeloof. Elke dag werden er nieuwe brutaliteiten
gepleegd en dwong men Arcadius deel te nemen aan heidense
rituelen. Zo dwong men de christenen wierook te branden
voor het beeld van de keizer en deel te nemen aan het Bacchus-feest.
Arcadius zag dit alles met verschrikking aan en verliet
in het geheim zijn huis om zich terug te trekken in de natuur
om zich over te geven aan extreme boetedoening. Zijn vlucht
bleef niet lang geheim. Zijn afwezigheid bij de officiele
gebeurtenissen deden de gouverneur besluiten soldaten naar
zijn huis te sturen. Nadat ze de deur hadden opengebroken
vonden ze een familielid, die men als gijzelaar mee nam
tot Arcadius was gevonden. Deze besloot, toen hij van het
gebeuren vernam, zichzelf voor de rechter te presenteren.
Deze was welwillend en zou zowel het familielid als Arcadius
laten gaan mits deze de keizer de vereiste eer zouden geven.
Arcadius antwoorde: ´Hoe durf je me zoiets voor te stellen.
Ken je de christenen niet of denk je dat de angst voor de
dood me van mijn plicht zal brengen? Jesus Christus is mijn
leven en dood is mijn loon. Bedenk maar om het even welke
martelingen, maar weet dat geen me tot verrader van mijn
geloof zal maken.´ De gouverneur, zo wil het verhaal, had
enige tijd nodig om de verschrikkelijkste martelingen voor
Arvadius te bedenken. Uiteindelijk sprak hij tot de soldaten:
´Neem hem mee, laat hem naar de dood verlangen, maar zorg
ervoor dat hij niet sterft. Snij hem zijn armen en benen
af, maar doe dat zo langzaam dat die Arcadius zal weten
wat het is om de goden van zijn voorouders te verraden voor
een onbekende god´. De soldaten sleepten Arcadius af om
achtereenvolgens de vingers, armen en schouders af te snijden.
vervolgens legde men de heilige op zijn rug om op de zelfde
subtiele wijze achtereenvolgens de tenen, voeten, benen
en heupen weg te snijden. De heilige zou enthousiast zijn
lichaamsdelen de een na de ander naar zijn beulen hebben
uitgestoken, zo weet de schrijver uit de achtste eeuw. Nee,
hij vertoonde daarbij een opmerkelijk enthousiasme en moedigde
de beulen aan. Als de romp uiteindelijk in een plas bloed
ligt, herhaalt Arcadius keer op keer: ´Heer, leer mij Uw
wijsheid´.De soldaten hadden volgens de hagiograaf vergeten
de tong uit te snijden. Zowel de soldaten als het volk barsten
uiteindelijk in tranen uit bij het zien van dit enthousiasme
om te mogen lijden. Arcadius draagt al zijn afgesneden lichaamsdelen
die rond hem uitgesprijd liggen op aan god met de woorden:
´Gelukkige lichaamsdelen, zo gelukkig met mij, uiteindelijk
behoren jullie werkelijk toe aan god, omdat jullie elk voor
zich voor Hem mochten lijden´. Daarna richtte Arcadius zich
tot het volk met de woorden; ´Jullie waren aanwezig bij
deze bloedige tragedie. Leer dat martelingen niets betekenen
voor iemand die de eeuwigdurende kroon ziet. Jullie goden
zijn geen goden, stop het te aanbidden. Alleen Hij, waarvoor
ik lijd en sterf is de ware god. Hij troost en sterkt me
in de toestand waarin jullie me nu zien. Voor hem te sterven
is leven, voor Hem te lijden is het mooiste dat er bestaat.
Uiteindelijk zou Arcadius op 12 januari de geest hebben
gegeven. Zoals gezegd, het jaar werd niet vermeld. Wel dat
de heidenen helemaal ondersteboven waren door het gebeuren.
En dat de christenen zorgvuldig de lichaamsdelen verzamelden
om in een tombe te plaatsen.
Zalige Arnold Jansen (1837-1909) Feestdag 15 januari
(bisdom Roermond). De zalige Arnold werd geboren in het
Duitse Goch op 5 november 1837, en studeerde in Gaesdonck,
Munster, en Bonn. Hij werd in 1861 priester gewijd en was
parochiepriester en rektor van het Ursulineklooster in Kempen.
Dan beland hij in het kloosterdorp Steyl, een pittoresk
plaatsje in de zuidwesthoek van Tegelen, waar hij in 1875
de Congregatie van het Goddelijk Woord (Societas Verbi Divini)
opricht. Deze club om priesters en monniken te werven voor
de missie werd in 1889 gevolgd door een vrouwenafdeling,
de Dienstmaagden van de Heilige Geest. De congregatie werd
in 1901 goedgekeurd. Arnold Jansen stierf in Steyl op 5
january 1909 en werd in 1975 zalig gesproken door paus Paulus
VI.
Asselt. Op de plek van het Dionysius-Rozenkerkje van
Asselt, op een steile punt van de oever van het winterbed
van de Maas, stond al in 934 een eenvoudig houten kerkje.
De oudste delen van het tegenwoordige bouwwerk zijn afkomstig
van een zaalkerkje uit de 11de eeuw, dat op de resten van
het voorafgaande verrees. Hier bevind zich het 17de eeuws
beeldje van de patroonheilige Dyonisius, een martelaar die
zijn hoofd in zijn handen draagt als verwijzing naar zijn
gewelddadige dood.
Literatuur: A.van Deijk, Romaans Nederland.
Amsterdam, 1994, p. 292-293; Ch. Genders, Langs
de oude Limburgse kerken, Midden- en
Noord-Limburg. Baarn, 1977, p. 59-60; A.E.L.
Ramakers, Honderd eeuwen Swalmen. Swalmen, 1977;
A.P.H. van Rijswijck, Asselt en zijn kerk.
Asselt, 1982; N. de Roy van Zuydewijn,
Monumentenreisboek van Nederland. Deel: Zeeland,
Noord-Brabant en Limburg. Den Haag, p. 194-195;
Register van de Rijksdienst voor de
Monumentenzorg, monumentnr.: 34972.
Sint Aufridus ook Aufridsus of Ansfridus. Feestdag 11
mei. Aufridus was afkomstig uit een voornaam Brabantsgeslacht,
hij werd krijgsheer en vertrouweling van Keizer Otto de
grote. Na het overlijden van zijn vrouw werd hij monnik
en stichtte het klooster Hohorst of Heiligenberg bij Amersfoort.
1418 Missale Romanum Ned. editie (1955);/zie pag.
50 Onze Nederlandse stam en staat./*23 Appendix
Misboek Dominikanen.
Sint Ansfried ook Ansfridus (Gest. 1010) Feestdag 11
mei; in het aartsbisdom Utrecht op 8 november; de Grieks
orth. op 14 mei en de Russ. orthodox op 1 mei. Ansfried
was graaf van Hoey in het Maasgebied. Hij stond in nauwe
betrekking met bisschop Notker van Luik en was evenals deze
een vertrouwd raadsman van keizer Otto III. Ansfried wilde
op latere leeftijd monnik worden en schonk zijn graafschap
aan het bisdom Luik en gebruikte zijn goed voor de stichting
van het klooster Thorn (bij Roermond), dat hij samen met
zijn vrouw zou runnen. Maar de keizer deed een beroep op
hem als bisschop van Utrecht. en hoewel hij officieel van
995-1010 bischop van de Domstad was, trok hij zich na zijn
verkiezing terug in het eveneens door hem gestichte benedictijnerklooster
Hohorst bij Amersfoort, waar Ansfried op 3 mei 1010 stierf.
p425 I heilige jaar rond/zie pag. 50 Onze
Nederlandse stam en staat./*30 Appendix Misboek
Dominikanen/1427 Missale Romanum Ned. editie
(1955); p58 G.J. van Setten, De santenkraam der
Roomse kerk.
Sint Augustinus () Feestdag De plaats Augustinusga
in de Friese gemeente Achtkarspelen is vernoemd naar Augustinus
van Kantelberg.
Met de heiligen het jaar rond deel I p 480
.INDEX
Ontbreekt er informatie?
Is er een situatie veranderd?
Laat dat dan in ons Hollandse
Heiligen mededelingenboard weten.

Deze on-line encyclopedie van Nederlandse Heiligen, Genadeoorden
en bedevaartsplaatsen is geschreven door Mohamed el-Fers.
Van dezelfde auteur verschenen o.a.:
Jacques Brel ISBN 90-5330-245-X, in België ISBN 90-5312-113-7;
Istanbul ISBN 90-5330 240 9, in België ISBN
90-5466 790 7;
Columbus ISBN 90-5330-032-5;
Bob Marley ISBN 90-5330-015-5;
Oum Kalsoum ISBN 90-5330-036-8;
Mehmed VI Vahdeddin, de laatste sultan ISBN 90-5330-023-6;
Ramadan, meer dan vasten (Mohamed el-Fers en drs
Veyis Güngör) ISBN 90-736-1613-1.
Hoe gevaarlijk zijn de Turken? (Mohamed el-Fers en
drs Chris Nibbering) ISBN 90-9011-752-0;
Encyclopedie van Hollandse Heiligen en Genadeoorden
RKBN 2002-0006591
Theater: ´Amsterdams Mirakelspel´ en ´De Zaak
Schnitke´ (premiére voorafgaande aan de Alfred Schnitke
opera ´Life with an idiot´ in aanwezigheid van de componist
en H.M. koningin Beatrix en Z.K.H. prins Claus der Nederlanden).
All sites © Mohamed el-Fers
|