De
geur van heiligheid
Hoe
bigot je ook geleeft hebt, op het moment van overlijden kan
tegenwoordig niemand al officieel `eerbiedwaardig', `zalig',
of `heilig' zijn. Deze drie `titels' worden in verschillende
stadia door Rome toegekend. Een dergelijk predikaat krijg
je ook niet alleen op grond van een vroom leven.
Er zijn nogal wat factoren die de lange weg naar een heiligverklaring
kunnen bekorten. Wonderen, een cultus met bedevaarten en
de toestand waarin je lichaam verkeert bij het 'verheffen
van de relieken'.
Belangrijk is ook dat je lekker ruikt op je sterfbed. Gewone
lijken ruiken niet echt lekker, terwijl bij heiligen vaak
wordt vastgesteld dat deze een aangename geur afscheidde
als gevolg van het zojuist beëindigde vrome leven. Uiteraard
een gunstig teken voor de toekomstige zalig- en heiligverklaring.
De geur van heiligheid werd onder andere vastgesteld na
de dood van Sint Liedwina van Schiedam, die bij haar sterven
plotseling de heerlijkste geuren begon te verspreidden.
Ondank al haar open en etterende wonden! Ook van de zalige
Conrad van Ascoli (1289), de allerzaligste weduwe Claire
Gambacorti (1419), de zalige Julien van Sint-Augustinus
(1606) en de zalige Nicolas de Longobardi (overleden 1709)
begonnen tijdens hun sterven heerlijk te ruiken.
Lekker
geuren op je sterfbed
Het nog geheel intacte lichaam van paus Johannes
XXIII (Angelo Roncalli) was op Pinksterzondag 2000 te zien
in de Sint Pieter. Het lag 38 jaar na zijn dood opgebaard
in een glazen sarcofaag. Het lichaam werd in januari van dat
jaar onderzocht met het oog op verplaatsing van de ondergrondse
pauselijke begraafplaats naar de Sint Pieter. De stoffelijke
resten waren nog ongeschonden.
Twaalf jaar eerder, op 27 augustus 1988 om precies te zijn,
meldde het ANP vanuit Vaticaanstad - onder de kop `Lichaam
Pius X ongeschonden' - dat het stoffelijk overschot van
deze paus 69 jaar na de begrafenis nog geen enkel teken
van ontbinding vertoont. Het persbureau had dit gehoord
van een Engelse journalist, en die had het verheugende feit
vernomen uit de mond van bisschop Vittorio Ottaviani, lid
van het kapittel van de Sint Pieter, de traditionele begraafplaats
van de pausen.
Ottaviani was in het geheel niet verbaasd: `Pius X is in
1954 heilig verklaard, en een heilige blijft ongeschonden,
want het is de zonde die ontbindt.'
Heiligheid is niet alleen de bekroning van een levenshouding,
het heeft ook aantoonbare fysiologische gevolgen voor de
dode die heilig geleefd heeft.
In hoeverre hier van 'wonderen' sprake zou zijn wordt natuurlijk
onderzocht. Tenslotte worden pausen sinds menseheugenis
gebalsemd en traditioneel begraven in drie kisten, waardoor
er geen zuurstof bij kan komen. Wat betreft de conservering
van het lichaam van Johannes de XXIII lijkt het zeker dat
deze mede te danken is aan een injectie met formaline.
Johannes XXIII, 'Il papa bono' werd hij in Italië genoemd,
de goede paus. Hetgeen natuurlijk niet betekend dat al zijn
voorgangers slecht zouden zijn geweest. Velen spraken al
tijdens het leven van Angelo Roncalli over 'il papa santo',
de heilige paus. Zijn zaligverklaring van 3 september 2000
en zijn heiligverklaring die daar zeker op zal volgen, zijn
voor de meeste katholieken slechts een formaliteit. Voor
hen is hij al lang heilig. Tijdens het Vaticaans Concilie,
kort na zijn overlijden, gingen er al stemmen op 'de paus
van het Concilie' bij acclamatie zalig te verklaren. Ongehoord,
maar kerkrechtelijk was dat mogelijk geweest. Enkele leden
van de Curie staken daar toen een stokje voor. Wel werd
besloten het proces voor zijn zaligverklaring te starten.
Het
lijkverstijven
Is de geur het teken dat de ontbinding weigert
de wetten van de natuur te gehoorzamen, de volgende stap
is het uitblijven van de lijkverstijving of rigor mortis.
Conrad van Ascoli lag niet alleen heerlijk geurend opgebaard,
het lijk verstijfde niet, net zo min als de zalige Oderic
(1331) en de heilige maagd Christina Visconti (1458). Heel
gelovig Spoleto loopt uit om Visconti's zalig ruikende en
soepele lichaam te vereren. Een vrouw tilt de lijkwade op
en ziet dat Christina's gezicht `de blos van een levende'
heeft behouden. Een man die volgens het verhaal ongeneeslijk
ziek zou zijn en aan 'helse rugklachten' lijdt, draagt enige
dagen later niettemin de baar van Visconti en geneest onmiddellijk
na inademing van de goddelijke dampen die het lichaam verspreidt.
Stevig
geurpatroon
Een wonder op zich is dat de geur van heiligheid
geen vluchtig parfum is. Menig modern fabrikant van reukwatertjes
zou een moord doen voor het patent van de geurstof die heiligen
ook na eeuwen fris en aangenaam doet rieken. Zoals bij Euro-heilige
Sint Karel de Grote het geval was.
In het jaar 1000 bezocht keizer Othon III de graftombe
van Karel in Aken. Kronikeur Novalis geeft een gedetailleerde
beschrijving van dit bezoek. Het binnenste van de grafkamer
kon niet zomaar betreden worden, reden waarom Othon een
muur liet openbreken. Nauwelijks was hij binnen of de zoete
geur van heiligheid liet zich opsnuiven. `Niets in de ledematen
van de dode vertoonde tekenen van verval.' Othon doet het
lichaam een nieuw wit gewaad aan, knipt de nagels, en maakt
het onderkomen schoon. Het enige verval dat men waarneemt
betreft het weggerotte puntje van Karels neus. `Maar de
keizer liet het ontbrekende deel vervangen door goud.' Uiteraard
zorgde de Keizer voor een relikwie van zijn vereerde voorganger.
Novalis besluit: `Vervolgens nam hij een tand uit het kadaver,
en nadat hij de cel had laten herstellen, vertrok hij.'
Iets soortgelijks gebeurde een halve eeuw eerder in Noordwijk
bij de opening van het graf van de een eeuw eerder gestorven
Sint Jeroen. Als de tombe in aanwezigheid van Sint Nothbodo,
Graaf Dirk II 'de vrome' en bisschop Balderik van Utrecht
wordt geopend, stroomt de 'allerzoetste geur hen tegemoet
uit het gebeente van de martelaar'.
De heilige jezuïet François Xavier overleed in 1552, zijn
lichaam rook nog steeds "zeer aangenaam en fris"
toen het in 1744 werd opgegraven.
Vroeger mocht het verhaal over een lekker geurtje van het
lijk, zeker wanneer het een schijnbaar eeuwig houdend parfum
bleek te zijn, ruim voldoende om 'vox populi' daadwerkelijk
heilig te worden verklaard. Tegenwoordig is daar meer voor
nodig.
Een van de procedures bij een heiligverklaring
is het openen van het graf om vast te stellen of
de toekomstige zalige of heilige inderdaad
aanwezig is. Indien daarbij wordt vastgesteld dat
het lichaam intact is gebleven, dan is dat een
reden te meer om de procedure te bespoedigen. Het
is, op zichzelf, een wonder, en voor een
heiligverklaring zijn er twee wonderen nodig. Een
goede staat van het lichaam is tegenwoordig niet
voldoende om heilig verklaard te worden.
Bij de opening van het graf van Sint
Vincentius (overleden 1660) in 1712 schreef de
kardinaal van Noailles: `Het is bekend dat deze
ceremonie [het openen van het graf] gewoonlijk
voorafgaat aan de zaligverklaring, aangezien de
ongecorrumpeerde staat van het lichaam op
zichzelf niet beschouwd wordt als een bewijs van
heiligheid.'
Cathérine Labouré overleed in 1888. Haar
vrome leven werd opgeluisterd door enige
verschijningen van Maria. In 1933 werd haar graf
geopend, en daaraan danken we een recente
beschrijving waaruit blijkt dat we het ontbreken
van lichamelijk verval zeer letterlijk moeten
nemen. `De relieken van de zalige werden
officieel opgegraven en geïdentificeerd op
dinsdag en woensdag 22 maart 1933. Na
vijfenvijftig [sic] jaren in het graf werd het
lichaam in perfecte staat van bewaring
aangetroffen. Op wonderlijke wijze had het geheel
de huid behouden, het vlees, de spieren, de
souplesse; de ogen, hoewel zeer ingevallen, waren
intact gebleven; armen en benen lieten zich
zonder moeite buigen; de bloedvaten waren
uitgedroogd; niets had de conservering van het
lijk nadelig beïnvloed.'
De intactheid is niet altijd vastgesteld bij
een onderzoek door kerkelijke instanties. Ook
schending van het graf door niet-katholieken,
tijdens de Franse revolutie en de Reformatie, is
een bron van informatie. Zo zou het graf van de
heilige Fulcran (overleden in 1006) in 1572 door
de hugenoten geschonden zijn. Ze gooiden het
intacte lichaam in het vuur.
De zalige maagd Chrétienne van het Heilig Kruis
overleed in 1310. Haar ook anderszins
ongeschonden lichaam verging pas toen de kerk
waarin het begraven lag in 1514 afbrandde.
De heilige Piat, overleden in 286, was nog intact
toen zijn overschot in 1794 door revolutionairen
in ongebluste kalk gegooid werd; in 1816 werd hij
teruggevonden: ongeschonden.
De heilige koning Olaf van Zweden (1037) werd in
1541 door lutheranen wreed in zijn eeuwige slaap
gestoord. Ze schrokken zo van zijn onbedorven
lichaam dat ze het met rust lieten, en zich
beperkten tot plundering van de kerk.
LEES VERDER
INDEX
Ontbreekt er informatie?
Is er een situatie veranderd?
Laat dat dan in ons Hollandse
Heiligen mededelingenboard weten.
Deze on-line encyclopedie van Nederlandse Heiligen, Genadeoorden
en bedevaartsplaatsen is geschreven door Mohamed el-Fers.
Van dezelfde auteur verschenen o.a.:
Jacques Brel ISBN 90-5330-245-X (voor België ISBN 90-5312-113-7);
Mehmed VI Vahdeddin, de laatste sultan ISBN 90-5330-023-6;
Istanbul ISBN 90-5330-240-9 (1e druk 90-5330-054-6, 2de
druk 90-5330 240 9, in België ISBN 90-5466 790 7);
Columbus ISBN 90-5330-032-5;
Oum Kalsoum ISBN 90-5330-036-8;
Bob Marley ISBN 90-5330-015-5;
Hoe gevaarlijk zijn de Turken? (Mohamed el-Fers en drs Chris
Nibbering) ISBN 90-9011-752-0; Ramadan, meer dan vasten
(Mohamed el-Fers en drs Veyis Güngör) ISBN 90-736-1613-1.
Playwrights ´Amsterdams Mirakelspel´ en ´De Zaak Schnitke´
(premiére voorafgaande aan de Alfred Schnitke opera ´Life
with an idiot´ in aanwezigheid van de componist en H.M.
koningin Beatrix en Z.K.H. prins Claus der Nederlanden).
All sites © Mohamed el-Fers
11429
|