Free Web Site - Free Web Space and Site Hosting - Web Hosting - Internet Store and Ecommerce Solution Provider - High Speed Internet
Search the Web

Ga naar alle Geiligen!

De weg naar Heiligheid
door Mohamed el-Fers

HemelvaartVoor de naamgever van het christendom, de joodse rabbi Joshua (Jezus) uit Nazareth, was er maar één heilig: dat was God. Dat hij later zelf tot een van de drie hoofdgoden van het christendom zou worden verheven, heeft hij waarschijnlijk niet kunnen vermoeden. Dat hij als God in de heml zou worden bijgestaan door hordes Sinten als halfgoden moest nog bedacht worden. In het prille begin heerste er onder zijn directe volgelingen vooral scepsis over wat er met de uit zijn graf verdwenen Jezus was gebeurd. De drie vrouwen die het lege graf vonden, troffen dan wel 'een jongeling in een wit lang kleed', die hen had gezegd 'Zijt niet verbaasd; gij zoekt Jezus den Nazarener, Die gekruist was; Hij is opgestaan; Hij is hier niet; ziet de plaats, waar ze Hem gelegd hadden.... gaat haastelijk heen, en zegt Zijn discipelen, dat Hij opgestaan is van de doden'.
Als Jezus in vlees en bloed verschijnt aan een selecte groep volgelingen, wordt hij eerst niet herkend. De ongelovige Thomas gelooft pas dat het Jezus is nadat hij zijn vinger in de wond, veroorzaakt door de spijkers aan het kruis, heeft mogen steken.
Van Jezus zelf bestaat er weinig primair bewijsmateriaal. De meeste belangrijkste relikwieën zijn secundair: de kribbe die na zijn geboorte als wieg diende. Het is het topstuk van de Romeinse Maria Maggiore-kerk. Samen met de spijkers, het Heilig Kruis, lijkwade, grafstee en doornenkroon zijn het echter secundaire relieken, aangezien Jezus met lichaam en ziel vanaf de Olijfberg bij Jerusalem omhoog steeg 'en een wolk Hem wegnam'.

Toch telde de kerk onder haar reliekschatten stukjes van het lichaam van Christus. Op miraculeuze wijze was op vele plaatsen de voorhuid van Jezus' penis bewaard gebleven om aanbeden te worden.

Op 5 maart 1997 deed het Londense Channel 4 programma "Without Walls" verslag van de Britse columnist Miles Kington's zoektocht naar de Heilige Voorhuid in Italië. In de middeleeuwen waren tal van kerken in Italië, Frankrijk en ook in België in het bezit van dit zeer vereerd relikwie. Gedurende een bepaalde periode werd de Hoogheilige Voorhuid in niet minder dan 14 Italiaanse kerken getoond. Het aantal nam in de loop der eeuwen geleidelijk af, tot er nog maar één kerk claimde dit Hoogheilig stukje van het geslacht van Jezus te bezitten. Na het Tweede Vatikaans concilie kwam er een einde aan de verering van dit allerlaatste reliekwie. Het werd opgeborgen in een lege schoenendoos in de woning van een parochiepriester. Tot deze in 1983 opmerkte dat het verwenen was. En bleef. Kington slaagde er niet in de kijkers het relikwie te laten zien dat hij zocht, maar kon wel wat andere bijzondere schatten der katholieke kerk tonen. Zoals een veer van de Heilige Geest, een flacon's met Maria's Heilige Moedermelk en een flesje waarin niets minder dan de adem van Jozef werd bewaard.

In de beginjaren van het christendom horen we met geen woord over al deze bijzondere zaken. Na de hemelvaart volgde er een fundamentele verdeeldheid onder de volgelingen van Jezus. De groter promotor van de nieuwe godsdienst wordt de uit Tarsus (Turkije) afkomstige Paulus. Hij zag Jezus in een visioen. Het is Paulus die als eerste leert dat alle mensen uiteindelijk zullen worden levend gemaakt. De meerderheid om voor eeuwig gestraft te worden omdat ze niet geloven dat Jezus de messias is.

Nadat Jezus tot messias was uitgeroepen, hielden de kerkvaders zich bezich met de vraag of Hij, omdat Hij na drie dagen uit de dood was verrezen en naar de hemel was opgestegen, niet gelijk aan God was. De priester Arius (ca 250-336) haalde het in zijn hoofd te beweren dat er een verschil zou zijn tussen Jezus en God de Vader, die in de hemel woont. God heeft altijd al bestaan en is eeuwig. Hij zond de Heilige Geest om de Verlosser (mesias) te verwekken in de Maagd Maria. Arius .meent dat Jezus niet ‘in den beginne’ al bestond, maar door God is geschapen als een ‘hulpmiddel’ voor de verlossing van de mensheid van de door Adam en Eva opgelopen erfzonde
Volgens Arius kan je de 'mensgewordene' dan wel God noemen, 'maar hij is dat niet altijd geweest. Al is Jezus de eerste en belangrijkste onder de schepselen, ja zelfs uit het niets (de Heilige Maagd Maria) geschapen, als schepsel is hij niet gelijk aan het wezen van God de Vader zelf.'

Arius
Arius was om zijn idee dat Jezus niet altijd God zou zijn geweest al eerder door een synode van Egyptische bisschoppen geëxcommuniceerd. Maar er zijn er meer die zijn opvattingen deelden. Hun aantal groeit. Keizer Constantijn komt deze Kerkelijke onrust slecht uit en hij beveelt een synode te houden waar een officiele leer moet worden vastgesteld: het Concilie van Nicaea van 325, later bekend geworden als het Eerste Oecumenische Concilie. De driehonderd deelnemende bisschoppen zijn het met de keizer eens dat op de allereerste plaats dient te worden voorkomen dat de christenheid zich opsplitst in onderling wedijverende groeperingen met verschillende ideeën over het wezen van de stichter van de nieuwe godsdienst. Na lange, debatten en scherpslijperij wordt op instigatie van Constantijn het dogma van Jezus’ godheid in de geloofsbelijdenis vastgelegd. Hiermee is het Arianisme daarmee veroordeeld. Tegenstemmers worden samen met Arius in de ban gedaan en vervolgd. Dankzij keizer Constantijn kan de kerk uitgroeien tot een machtig instituut dat over meer dan geestelijke middelen beschikt om mensen op de juiste wijze te doen geloven.

In handen van de kerkvaders wordt God een mystiek concept van een ondeelbare Drieëenheid. Dit nieuwe Godsbeeld van de theologie, de drie-in-één hoofdgod, troont aan de top van de hemelse ranglijst. Daaronder volgde de moeder van God de Zoon en een apostelen genoemde groep van 12 volgelingen van Jezus. Zij zijn vanaf het vroegste begin vereerde personen die al snel met de term heiligen worden aangeduid.

Verder worden alleen martelaren die voor het geloof waren gestorven officieel als heiligen erkend. Eerste in deze categorie was Sint Stefan, een van de zeven mannen door de apostelen in dienst genomen om te propaganderen dat Jezus de Messias was. Dat wordt hem niet in dank afgenomen. Een woedende menigte stenigd hem buiten de muren van Jeruzalem. Vanaf de vierde eeuw kreeg Sint Stefan de ereplaats van Eerste Martelaar in het kerkelijk jaar.

Na Stefan volgde er een grote vervolging van de christenen in Jerusalem. Volgens Lukas vonder zo'n 2000 volgelingen de dood vonden, waaronder Nicanor, een van de zeven die net als Stefan was aangesteld om het messiasschap van Jezus te verkondigen. De volgende martelaar werd Jacobus de Meerdere, apostel en familielid van Jezus. Hij werd onder Herodus Agrippa in Palestina onthoofd. Eeuwen later zou zijn graf in Santiago de Compostela worden hervonden. Volgende was Philipus uit Bethsaida, die te Heliopolis, in Phrygia (nu Turkije) werd gegrepen. Hij werd uitgebreid gegeseld, gevangen gezet en uiteindelijk gekruisigd in het jaar 54. Aan vroege martelaren geen gebrek. Mattheus de Evangelist werd neergeslagen in Nadabah in Ethiopie. Jacobus de Mindere werd op 94-jarige leeftijd door zijn eigen volk gestenigd, Hetzelfde overkwam Mattheus II, de tot opvolger van de verrader Judas gekozen apostel. Hij werd gestenigd en vervolgens onthoofd in Jerusalem . Andreas, de broer van Petrus, werd in Edessa gekruisigd op het Andreskruis, dat later zijn plaats zou krijgen in het stadswapen van Amsterdam. Sint Markus werd door de bevolking van Alexandria in stukken gescheurd. Sint Petrus, de eerste paus, werd in Rome met zijn hoofd naar beneden gekruisigd. Etc. etc. etc. De kerk leert de gelovige dat een bloedgetuige van Jezus rechtstreeks naar de hemel gaat.

Lijden
Eerst worden uitsluitend mensen die de marteldood vonden, heilig verklaard. Dat veranderde toen het volk spontaan ook niet-martelaren ging vereren. Mensen die in versterving de navolging van de Lijdende Christus zochten, verwierven al voor hun dood vaak volkse devotie.Had God de Zoon zichzelf niet geheel vrijwillig voor onze zonden laten martelen. Dagelijkse publieke geselingen, zelfkastijding, boetedoening, jaren in weer en wind op een pilaar doorbrengen, op je knieën naar Rome schuifelen, het waren allen manieren om er heiligheid mee te verwerven. Sommigen leden zo enthousiast, dat ze er onderdoor gingen. Hierin zag men een goddelijke goedkeuring voor de status van heilige, zeker wanneer er 'wonderen' bij hun graf plaats hadden was het: vox populi, vox dei. Dat zou tot 1170 duren. In dat jaar maakt paus Alexander III (1159-81) een einde aan volkse heiligverklaringen. Alleen een bisschop kan iemand heilig verklaren, en is verplicht zijn heiligverklaringen te laten confirmeren door de paus. Er waren drie tegenpausen actief tijdens het pontificaat van Alexander III. Waarvan er één Karel de Grote heilig verklaarde.

Eigen Heiligen
Het bezit van een Eigen Heilige verhoogde het aanzien van stad en streek. Vaak ijverde een plaatselijke bisschop voor een nieuwe cultus. Het bezit van het lichaam van een heilige of een bijzonder relikwie als 'de trouwjurk van Maria' was Big Bissiness. Reliekenroof was niet ongewoon. Zo werd de bekende Sint Nicolaas door Italiaanse vissers uit zijn graf in Myra (het huidige Demre in Turkije) gehaald om in Bari te worden herbegraven en zo als kindervriend Europa en de wereld te veroveren.
Ontbrak een verse heilige, dan was dat geen enkel probleem. Werd er door de plaatselijke bisschop een verloren gewaant graf 'herondekt'. Soms deed de ontdekking van zo'n tombe middeleeuws Europa op haar grondvesten schudden. Miljoenen trokken naar een uithoek van het Iberische schiereiland om het graf van Sant Iago (de apostel Jacobus de Meerdere) op het Sterrenveld (Compostela) te bezoeken. Volgens de bijbel was Jacobus in Jerusalem onthoofd. De schrijver vergat te melden dat engelen zijn stenen doodskist in het diepste geheim naar het noordwesten van Spanje hadden overvlogen. Het ontbeerde Spanje aan een eigen nationale Heilige die de troepen voor zou gaan in de strijd tegen moslims. Gelukkig verschijnen er engelen later aan de plaatselijke bisschop om hem het hoogheilig verloren gewaande graf.te wijzen.

Tijdslijn
Sinds 1170 was de pauselijke confirmatie van een bisschoppelijke heiligverklaring nodig. In de daarop volgende eeuwen bedenkt men steeds strengere procedures om te voorkomen dat lollige bisschoppen volkstypes als 'vrome vrouwen met baarden' zalig verklaren om zo een nieuw welvaartsoord te kunnen exploiteren. Het is Maffeo Barberini die als paus Urbanus VIII in 1625 een einde maakt aan heiligverklaring van lokale bisschoppen. Alle Heiligen die al vòòr 1534 vereerd werden, mochten gewoon officieel Heilig blijven. De Utrechtse Paus Adriaan VI (Adriaan Florenszoon 1459-1523) heeft geluk. Hij stierf volgens de nieuwe regels van het Vatikaan net op tijd om automatisch een officiële Heilige te worden. Vanaf dat moment bepaalt het Vatikaan exclusief wie er eerst de Zalig-status en de daar op volgende Plechtige Heiligverklaring krijgt. In de tweede helft van de twintigste eeuw komt het tot een serieus historisch onderzoek onder de al eeuwen vereerde heiligen. Een aantal worden van de kerkelijke kalender afgevoerd omdat het historisch zeker is dat ze nooit hebben bestaan. Een van de bekendste is Sint Christoffel, schutspatroon van de automobilisten en Roermond. Verder hanteert het Vatikaan methodes uit de tijd van Urbanus VIII om heiligheid te detecteren.

LEES VERDER

INDEX

Ontbreekt er informatie? Is er een situatie veranderd?
Laat dat dan in ons Hollandse Heiligen mededelingenboard weten.

Deze on-line encyclopedie van Nederlandse Heiligen, Genadeoorden en bedevaartsplaatsen is geschreven door Mohamed el-Fers.
Van dezelfde auteur verschenen o.a.:
Jacques Brel ISBN 90-5330-245-X (voor België ISBN 90-5312-113-7);
Mehmed VI Vahdeddin, de laatste sultan ISBN 90-5330-023-6;
Istanbul ISBN 90-5330-240-9 (1e druk 90-5330-054-6, 2de druk 90-5330 240 9, in België ISBN 90-5466 790 7);
Columbus ISBN 90-5330-032-5;
Oum Kalsoum ISBN 90-5330-036-8;
Bob Marley ISBN 90-5330-015-5;
Hoe gevaarlijk zijn de Turken? (Mohamed el-Fers en drs Chris Nibbering) ISBN 90-9011-752-0; Ramadan, meer dan vasten (Mohamed el-Fers en drs Veyis Güngör) ISBN 90-736-1613-1.

Playwrights ´Amsterdams Mirakelspel´ en ´De Zaak Schnitke´ (premiére voorafgaande aan de Alfred Schnitke opera ´Life with an idiot´ in aanwezigheid van de componist en H.M. koningin Beatrix en Z.K.H. prins Claus der Nederlanden).

All sites © Mohamed el-Fers
12239

HOME